HOME / COLUMNS NRC / Pensioen is nu speelbal van…

COLUMNS NRC / 2 april 2014

Pensioen is nu speelbal van VVD en PvdA

Deze week wordt in de Eerste Kamer over de kabinetsplannen voor het Nederlandse pensioenstelsel gedebatteerd. Er komt een maximumpensioeninkomen van een ton per jaar waarboven geen fiscale aftrek meer mogelijk is. Weinig mensen zullen daar om treuren. Wie de discussie in de kranten oppervlakkig volgt krijgt namelijk de indruk dat het stelsel een rotzooi is. Kleiner is dan snel beter. Dat beeld is echter onjuist. In het buitenland wordt met jaloezie naar Nederland gekeken. Het stelsel levert betrouwbare en hoge pensioenen voor weinig geld. Daarvoor zijn drie redenen.

Ten eerste beperkt de standaardisatie van pensioenvoorwaarden de uitvoeringskosten. Keuzevrijheid is mooi, maar duur. Iedere keer als uw pensioenfonds de telefoon opneemt om een vraag te beantwoorden begint de kostenteller te lopen.  Ten tweede de verplichte deelname: wanneer het pensioen een vrije keuze wordt, dan lopen pensioenfondsen het risico dat alleen mensen met een hoge levensverwachting zich verzekeren. De fondsen moeten dan hun premies verhogen om de pensioenen te kunnen betalen.  Mensen met een lagere levensverwachting haken dan af. De premies moeten verder omhoog, waardoor nog meer mensen afhaken, enzovoort. Verplichte deelname beperkt ook de marketing kosten. Waar ziektekostenverzekeraars en elektriciteit aanbieders reclamezuilen vol laten plakken met wervende slogans, daar kunnen pensioenfondsen met een laag reclamebudget toe. En ten derde zijn de beleggingsresultaten van pensioenfondsen –laten we het eufemistisch zeggen- best aardig. Ik zou graag deelnemen in de pot van een groot pensioenfonds. De beleggingsproducten die banken mij aanbieden kunnen daar qua rendement niet tegenop. Als u dit alles niet gelooft, moet u eens een offerte bij een verzekeraar vragen. Ik wens u sterkte.

Waarom wil het kabinet desondanks met alle geweld inbreken in het pensioenstelsel? Pensioen gaat over lange termijn beloftes: u betaalt nu premie in ruil voor een pensioen over 60 jaar. Een klein wonder dat mensen dat geloven. Een klein beetje politiek korte baan werk en het is met dat wonder gedaan. Dus nogmaals: waarom dan toch die ingreep? Welnu, dat is het gevolg van een merkwaardig compromis tussen PvdA en VVD. De PvdA probeert nu al 10 jaar een maximumpensioeninkomen in te voeren. Dat is een boekhoud truc plus een nivelleringsmaatregel voor de prijs van één. Pensioenpremies zijn nu aftrekbaar, pensioenen worden pas veel later bij uitbetaling belast. Dat heet de omkeerregel. Als die regel wordt afgeschaft krijgt de overheid nu meer geld binnen en later minder. Dat korte termijn geld kon de PvdA goed gebruiken. Bovendien trof deze maatregel met name de hogere inkomens, ook al een wens van de PvdA. Dat er tal van goede economische argumenten zijn voor de omkeerregel mocht niet baten. Twee voor de prijs van één, discussie gesloten.

Voor de VVD lag de zaak geheel anders. Nivellering staat niet bovenaan haar prioriteitenlijst en nu meer geld voor de overheid al evenmin. Maar de VVD is ten prooi gevallen aan het delirium van de keuzevrijheid. Hoe kleiner het verplichte pensioen, des te liever de herauten van het vrije individu het hebben. Helaas, keuzevrijheid bij pensioenen werkt niet. Bergen empirisch bewijsmateriaal laten zien dat mensen best verstandig kunnen kiezen, maar niet als het gaat over hun pensioen. Zij willen daar graag voor sparen, maar niet vandaag, dat kan ook morgen, en dat zeggen ze keer op keer, dag in dag uit.

Het grote gevaar van de maximumpensioeninkomen is dat het een inkomenspolitiek speeltje wordt. Nu is het een ton, maar waarom geen 80.000 euro, of nog minder? Dat dat geen fictie is werd amper 3 maanden na het sluiten van het regeerakkoord bewezen. Er waren nieuwe bezuinigingen nodig. Kon dat maximumpensioeninkomen niet wat verder omlaag?

Dat maximumpensioeninkomen, dat komt er wel. Maar laat de Chambre de Reflexion in zijn wijsheid één ding afdwingen: die ton ligt voortaan voor eens en voor altijd vast. Een pensioenstelsel leent zich niet voor inkomenspolitiek.